Statuten Groene Vrienden
CONCEPT
van de akte van oprichting van de stichting:
Stichting Groene Vrienden van Thyencamp, statutair gevestigd te Hooghalen.
Datum akte: 1 mei 2010.
Heden, één mei tweeduizend tien (01-05-2010), verscheen voor mij, -
mr A.B., notaris met vestigingsplaats Beilen,
De heer Paul Alexander Tienkamp, geboren te Haarlem op 22 augustus 1953
Wonende te Hooghalen, Laaghalerveen 23 en gehuwd.
De comparant verklaarde bij deze akte een stichting op te richten en daarvoor de volgende statuten vast te stellen:
Naam en Zetel
Artikel 1
De stichting draagt de naam: Stichting Groene Vrienden van Thyencamp
Zij heeft haar zetel in de gemeente Midden-Drenthe.
Doel :
Artikel 2
1. De stichting heeft ten doel:
* Beheer beplanting terrein
* Uitdragen missie tav duurzaamheid
* Beheer klimaatkrediet
* Projekt klimaatneutrale blokhutten
* Begeleiding stagiaires
* Begeleiding vrijwilligers bosplantsoen
* MVO Projecten
* Natuurlijk spelen
2. het verrichten van alle verdere handelingen, die met het vorenstaande in de ruimste zin verband houden of daartoe bevorderlijk kunnen zijn.
De stichting tracht haar doel onder meer te verwezenlijken door het verwerven van gelden ten behoeve van het financieel ondersteunen van het werk van de Stichting Groene Vrienden.
De stichting beoogt het dienen van het algemeen belang en beoogt niet het maken van winst.
Vermogen
Artikel 3
1. het vermogen van de stichting wordt gevormd door:
a. subsidies, giften én donaties;
b. vergoedingen en bijdragen voor door de stichting geleverde diensten;
c. hetgeen wordt verkregen door erfstellingen en legaten;
d. hetgeen op andere wijze verkregen wordt.
2. Erfstellingen mogen door de stichting slechts onder het voorrecht van boedelbeschrijving worden aanvaard.
3. De stichting houdt niet meer vermogen aan dan redelijkerwijs nodig is voor de continuïteit van de voorziene werkzaamheden ten behoeve van de doelstellingen van de stichting.
4. Indien vermogen (of bestanddelen daarvan) is verkregen als legaat (via een erfenis) of schenking, dan wordt dat vermogen aangehouden, voorzover dat voortvloeit uit de aan het legaat of de schenking verbonden voorwaarden.
5. De kosten van het werven van geld en de beheerkosten van de stichting dienen in redelijke verhouding te staan tot de bestedingen ten behoeve van het werk van de stichting.
Bestuur: samenstelling, wijze van benoemen
Artikel 4
1. Met inachtneming van het verder in dit artikel bepaalde bestaat het bestuur uit minimaal drie bestuursleden en bepaalt het bestuur de omvang van het bestuur.
2. De bestuurders worden benoemd en geschorst door het bestuur. De benoeming van de bestuurders geschiedt met inachtneming dat ten minste één bestuurslid in het bestuur zitting neemt die eigenaar/beheerder is van Camping Thyencamp te Hooghalen.
3. In vacatures moet zo spoedig mogelijk worden voorzien. Het bestuur kiest uit zijn midden een voorzitter, een secretaris en een penningmeester. De functies van secretaris en penningmeester kunnen door één persoon worden vervuld.
4. De bestuursleden worden benoemd voor een periode van drie (3) jaar. Zij treden af volgens een door het bestuur op te maken rooster. Een volgens het rooster afgetreden bestuurder is onmiddellijk, doch ten hoogste drie (3) maal herbenoembaar. De in een tussentijdse vacature benoemde bestuurder neemt op het rooster van aftreden de plaats in van degene in wiens vacature hij werd benoemd.
5. Een uitzondering geldt voor de eigenaar/beheerder van Camping Thyencamp. Hij/ zij wordt benoemd voor onbepaalde tijd.
6. In geval van één of meer vacatures in het bestuur behoudt het bestuur zijn bevoegdheden.
Bestuur: taken en bevoegdheden
Artikel 5
1. Het bestuur is belast met het besturen van de stichting.
2. Het bestuur is niet bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en bezwaring van registergoederen, tenzij het besluit wordt genomen met algemene stemmen van alle in functie zijnde bestuurders.
3. Het bestuur is niet bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten, waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een ander verbindt, tenzij het besluit wordt genomen met algemene stemmen van alle in functie zijnde bestuurders.
4. De bestuurders en/of andere beleidsbepalers ontvangen geen beloning voor hun werkzaamheden, behoudens een eventueel niet bovenmatig vacatiegeld.
Zij hebben wel recht op vergoeding van de door hen in de uitoefening van hun functie gemaakte kosten.
Indien een bestuurder en/of andere beleidsbepaler tevens een uitvoerende functie vervult dan kan het bestuur de bestuurder dan wel de andere beleidsbepaler voor die werkzaamheden een beloning toekennen.
5.De stichting beschikt over een actueel beleidsplan dat inzicht geeft in de manier waarop de doelstelling wordt uitgevoerd, met daarin de door de stichting te verrichten werkzaamheden, de wijze van verwerving van gelden, het beheer van het vermogen van de stichting en de besteding daarvan.
Bestuur: vergaderingen
Artikel 6
1. De vergaderingen van het bestuur worden gehouden in Nederland op de plaats als bij de oproeping is bepaald.
2. Jaarlijks binnen zes (6) maanden na afloop van het boekjaar wordt een vergadering van het bestuur (de jaarvergadering) gehouden, waar in elk geval aan de orde komt de vaststelling van de balans en de staat van baten en lasten.
3. Daarnaast wordt elk kwartaal een vergadering gehouden.
4. Voorts worden vergaderingen gehouden, wanneer één van de bestuurders daartoe de oproeping doet.
5. De oproeping tot een vergadering geschiedt tenminste zeven (7) dagen tevoren, de dag van de oproeping en die van de vergadering niet meegerekend, door middel van een oproepingsbrief.
6. Een oproepingsbrief vermeldt, behalve plaats en tijdstip van de vergadering, de te behandelen onderwerpen.
7. De vergaderingen worden geleid door de voorzitter. Indien deze afwezig is voorzien de aanwezige bestuurders in de leiding van de vergadering. Tot dat moment wordt de vergadering geleid door de in leeftijd oudste aanwezige bestuurder.
8. De secretaris notuleert de vergadering. Bij afwezigheid van de secretaris wordt de notulist aangewezen door degene die de vergadering leidt. De notulen worden vastgesteld en getekend door degenen, die in de vergadering als voorzitter en notulist hebben gefungeerd. De notulen worden vervolgens bewaard door de secretaris.
9. Toegang tot de vergadering van het bestuur hebben de in functie zijnde bestuurders en degenen die daartoe door het bestuur zijn uitgenodigd.
Bestuur: besluitvorming
Artikel 7
1. Het bestuur kan in een vergadering alleen besluiten nemen indien de meerderheid van de in functie zijnde bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd is.
2. Een bestuurder kan zich in een vergadering door een andere bestuurder laten vertegenwoordigen nadat een schriftelijke, ter beoordeling van de voorzittervan de vergadering voldoende, volmacht is afgegeven. Een bestuurder kan daarbij slechts voor één andere bestuurder als gevolmachtigde optreden
3. Is in een vergadering niet de meerderheid van de in functie zijnde bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd dan wordt een tweede vergadering bijeengeroepen, te houden niet eerder dan twee en niet later dan vier (4) weken na de eerste vergadering. In deze tweede vergadering kan ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde bestuurders worden besloten omtrent de onderwerpen welke op de eerste vergadering op de agenda waren geplaatst. Bij de oproeping tot de tweede vergadering moet worden vermeld dat en waarom een besluit kan worden genomen ongeacht het aantal
aanwezige of vertegenwoordigde bestuurders.
4. Zolang in een vergadering alle in functie zijnde bestuurders aanwezig zijn, kunnen geldige besluiten worden genomen over alle aan de orde komende onderwerpen, mits met algemene stemmen, ook al zijn de door de statuten gegeven voorschriften voor het oproepen en houden van vergaderingen niet in acht genomen.
5. Het bestuur kan met algemene stemmen ook buiten vergadering besluiten nemen. Van een aldus genomen besluit wordt door de secretaris een relaas opgemaakt, dat na mede-ondertekening door de voorzitter als notulen wordt bewaard.
6. Mits alle leden van het bestuur hiermee instemmen kan het bestuur ook buiten
vergadering besluiten nemen door een langs electronische weg toegezonden, leesbaar en reproduceerbaar bericht aan het adres dat door de secretaris voor dit doel is bekend gemaakt. Van een aldus genomen besluit wordt door de secretaris een relaas opgemaakt, dat na mede-ondertekening door de voorzitter als notulen wordt bewaard.
7. Besluiten als bedoeld in artikel 4 leden.2 en 3 kunnen niet buiten vergadering worden genomen.
8. Iedere bestuurder heeft het recht tot het uitbrengen van één (1) stem.
9. Voor zover deze statuten geen grotere meerderheid voorschrijven worden bestuursbesluiten genomen met volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen. Bij staking, van stemmen wordt het voorstel geacht te zijn verworpen.
10. Alle stemmingen in een vergadering geschieden mondeling, tenzij één of meer bestuurders vóór de stemming een schriftelijke stemming verlangen.
11. Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende, gesloten briefjes.
12. Blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht.
13. In alle geschillen omtrent stemmingen beslist de voorzitter van de vergadering.
14. Het bestuur kan bij reglement voorwaarden stellen aan het gebruik van een elektronisch communicatiemiddel.
Bestuur: defungeren
Artikel 8
1. Een bestuurder defungeert:
a. door zijn overlijden of indien de bestuurder een rechtspersoon is, door haar ontbinding of indien zij ophoudt te bestaan;
b. door het verlies van het vrije beheer over zijn vermogen;
c. door zijn aftreden al dan niet volgens het in artikel 4 bedoelde rooster van aftreden;
d. door ontslag dóór de gezamenlijke overige bestuurders;
e. door ontslag op grond van artikel 2:298 Burgerlijk Wetboek.
Vertegenwoordiging
Artikel 9
1. Het bestuur vertegenwoordigt de stichting.
2. De vertegenwoordigingsbevoegdheid komt mede toe aan twee gezamenlijk handelende bestuurders.
3. Tegen een handelen in strijd met artikel 5 leden 2 en 3 kan tegen derden beroep worden gedaan.
4. Het bestuur kan volmacht verlenen aan één of meer bestuurders, alsook aan derden, om de stichting binnen de grenzen van die volmacht te vertegenwoordigen.
Boekjaar en jaarstukken
Artikel 10
1. Het boekjaar van de stichting is gelijk aan het kalenderjaar.
2. Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de stichting en van alles betreffende de werkzaamheden van de stichting, naar de eisen die voortvloeien uit deze werkzaamheden, op zodanige wijze een administratie te
voeren en de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers op zodanige wijze te bewaren, dat daaruit te allen tijde de rechten en verplichtingen van de stichting kunnen worden gekend.
3. De administratie van de stichting is voorts zo ingericht dat daaruit duidelijk blijkt:
a. de aard en de omvang van aan de bestuursleden en/of beleidsbepalers toekomende onkostenvergoedingen en eventueel vacatiegelden;
b. de aard en omvang van kosten die door de stichting zijn gemaakt voor verwerving van gelden en kosten van beheer alsmede andere uitgaven van de stichting;
c. de aard en omvang van de inkomsten van de stichting;
d. de aard en omvang van het vermogen van de stichting.
4. Uit de administratie blijkt het doel waarvoor het vermogen wordt aangehouden alsmede een motivering voor de omvang van (aangehouden) vermogen.
5. Het bestuur is verplicht jaarlijks binnen zes (6) maanden na afloop van het boekjaar de balans en de staat van baten en lasten van de stichting te maken, op papier te stellen en vast te stellen.
6. Het bestuur kan de balans en de staat van baten en lasten doen onderzoeken door een door hem aan te wijzen registeraccountant, accountant, administratieconsulent dan wel andere deskundige. Deze deskundige brengt omtrent zijn onderzoek verslag uit aan het bestuur en legt daaromtrent een verklaring af.
7. Het bestuur is verplicht in de voorgaande leden bedoelde boeken, bescheiden en andere gegevensdragers gedurende de wettelijke termijn te bewaren.
8. De op een gegevensdrager aangebrachte gegevens, uitgezonderd de op papier
gestelde balans en staat van baten en lasten, kunnen op een andere gegevensdrager worden overgebracht en bewaard, mits de overbrenging geschiedt met juiste en volledige weergave der gegevens en deze gegevens gedurende de volledige bewaartijd beschikbaar zijn en binnen redelijke tijd leesbaar kunnen worden gemaakt.
Reglement
Artikel 11
1. Het bestuur is bevoegd een reglement vast te stellen, waarin die onderwerpen worden geregeld, die naar het oordeel van het bestuur (nadere) regeling behoeven.
2. Het reglement mag niet met de wet of deze statuten in strijd zijn.
3. Het bestuur is bevoegd het reglement te wijzigen of te beëindigen.
4. Op de vaststelling, wijziging en beëindiging van het reglement is het bepaalde in artikel 13 lid 1 van toepassing.
Commissies
Artikel 12
Ter voorbereiding, ondersteuning of uitwerking van de activiteiten van de stichting, kan het bestuur commissies instellen, waarin natuurlijke personen en rechtspersonen zitting hebben. De werkzaamheden van de commissie worden door het bestuur geregeld.
Statutenwijziging
Artikel 13
1. Het bestuur is bevoegd deze statuten we wijzigen.- Een besluit tot statutenwijziging moet met algemene stemmen worden genomen in een vergadering waarin alle bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd zijn.
2. De wijziging moet op straffe van nietigheid bij notariële akte tot stand komen.
3. Iedere bestuurder afzonderlijk is bevoegd desbetreffende akte te doen verlijden.
4. De bestuurders zijn verplicht een authentiek afschrift van de wijziging en de gewijzigde statuten neer te leggen ten kantore van het handelsregister.
Ontbinding en vereffening
Artikel 14
Het bestuur is bevoegd de stichting te ontbinden.
Op het besluit van het bestuur tot ontbinding is het bepaalde in artikel 13 lid 1 van overeenkomstige toepassing.
Indien het bestuur besluit tot ontbinding wordt tevens de bestemming van het liquidatiesaldo vastgesteld, met dien verstande dat het liquidatiesaldo moet worden bestemd voor een doel hetwelk het doel van de stichting zo veel mogelijk nabijkomt.
In andere gevallen van ontbinding wordt de bestemming van het liquidatiesaldo door de vereffenaars vastgesteld, met dien verstande dat het liquidatiesaldo moet worden bestemd voor een doel hetwelk het doel van de stichting zo veel mogelijk nabijkomt.
Na ontbinding geschiedt de vereffening door de bestuurders, tenzij bij het besluit tot ontbinding anderen tot vereffenaars zijn aangewezen.
Na afloop van de vereffening blijven de boeken en bescheiden van de ontbonden stichting gedurende de bij wet voorgeschreven termijn onder berusting van de door de vereffenaars aangewezen persoon. Deze persoon is gehouden van zijn aanwijzing opgave te doen bij het handelsregister van de Kamer van Koophandel. De vereffenaar is bevoegd de bescheiden in gesloten bewaring onder te brengen bij een archief als bedoeld in de Archiefwet of soortgelijke wet.
Op de vereffening zijn overigens de bepalingen van Titel 1, Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek van toepassing.
Slotbepalingen
Artikel 15
1. In alle gevallen, waarin zowel de wet als deze statuten niet voorzien, beslist het bestuur.
2. Onder schriftelijk wordt in deze statuten verstaan elk via de gangbare communicatiekanalen overgebracht bericht, waarvan uit geschrift blijkt.
3. Het eerste boekjaar van de stichting eindigt op éénendertig december tweeduizend tien (31-12-2010).
4. Indien in deze statuten woorden gebruikt zijn, die betrekking hebben op personen dan kunnen daarmee zowel mannen als vrouwen worden bedoeld.
Slotverklaring
Tenslotte verklaarde de comparant dat bij deze oprichting:
a. het bestuur uit vijf (5) bestuursleden zal bestaan
b. voor de eerste maal tot bestuursleden van de stichting worden benoemd in de achter hun naam vermelde functie:
Paul Tienkamp (Hooghalen) - Voorzitter, secretaris en penningmeester
Marjo Brandenburg (Hooghalen) - lid
Kees van Aerde (Oisterwijk) - lid (portefeuille kunst en cultuur)
Piet van Leuveren (Assen) - lid
Willem Swart (Annen) - lid (portefeuille natuur)
Waarvan akte in minuut is verleden te Beilen op de datum in het hoofd van deze akte vermeld.
De comparant is mij, notaris, bekend. Indien hiervoor een identiteitsdocument vermeld is, heb ik, notaris, de identiteit van de comparant (destijds) vastgesteld aan de hand van dat document.
De zakelijke inhoud van de akte is aan de comparant opgegeven en toegelicht.
De comparant heeft verklaard van de inhoud van de akte te hebben kennis genomen en in te stemmen met beperkte voorlezing.
Deze akte is beperkt voorgelezen en onmiddellijk daarna achtereenvolgens door de comparant en mij, notaris, ondertekend.
(Volgt ondertekening)
Laatste bestandswijziging:
24 maart 2010